🎉 Er is een veenweideprogramma

28 mei 2021

Eindelijk is er een veenweideprogramma vastgesteld door Provinciale Staten, waarmee het Friese landschap terug in balans kan worden gebracht. Het Veenweideprogramma 2021-2030 van PvdA-gedeputeerde Douwe Hoogland werd tijdens de Provinciale Statenvergadering van 26 mei met een ruime meerderheid aangenomen.

Bodemdaling en CO2-uitstoot

Het veenweideprogramma is nodig omdat de bodem in het veengebied (een kwart van de provincie) daalt. Dat komt omdat het grondwaterpeil in de veengrond al tientallen jaren kunstmatig laag wordt gehouden voor de landbouw. Daardoor komt er lucht bij het veen, waardoor de veengrond oxideert. Dat zorgt ervoor dat de bodem krimpt en inklinkt. Het veen daalt ongeveer een centimeter per jaar en produceert veel broeikasgassen (onder andere CO2). De biodiversiteit in het gebied neemt snel af door het verdrogen van de grond.

Doelen Veenweideprogramma 2021-2030

Met het Veenweideprogramma 2021-2030 wordt de bodemdaling en de uitstoot van broeikasgassen in het veenweidegebied fors verlaagt. Dat laatste is ook belangrijk voor het halen van afspraken uit het Klimaatakkoord. De doelen van het Veenweideprogramma 2021-2030:

  • De negatieve effecten van de bodemdaling zijn verminderd. Er wordt gestreefd naar 0,2cm minder bodemdaling per jaar.
  • De uitstoot van broeikasgassen uit de bodem is met 0,4 megaton CO2 equivalenten per jaar afgenomen.
  • De landbouw in het gebied heeft een duurzaam perspectief en kan op een andere manier verder met de bedrijfsvoering.
  • Het watersysteem kan de gevolgen van klimaatverandering beter opvangen en extra water opbergen.

 Funderingsschade

Door het lage waterpeil en de bodemdaling, zijn er ook mensen in veenweidegebied die te maken hebben met funderingsschade. Sommige van deze woningen dreigen zelfs in te storten. De PvdA is blij dat dit in het veenweideprogramma eindelijk wordt gezien als een probleem dat opgelost moet worden. Woordvoerder Hetty Janssen verwacht dat de provincie vanaf nu schouder aan schouder naast woningbezitters met funderingsschade staat om samen naar een oplossing te zoeken. Janssen: “Wij vinden dat die oplossing niet gezocht moet worden in de discussie “wie is juridisch verantwoordelijk”, maar in het besef dat hier sprake is van een groep mensen die de dupe wordt van een overheid die problemen niet erkent en veel te traag tot actie is gekomen.”

Plan voor herstel funderingsschade

Janssen diende samen met FNP, CDA en VVD met succes een motie in om iets voor deze mensen te doen. De provincie moet samen met de funderingstafel met een concreet plan komen voor woningbezitters met urgente funderingsproblematiek. Janssen deed de oproep: “Gebruik daar veel instrumenten voor, daar kan ook subsidie wat ons betreft onderdeel van zijn en zeker ook garantstellingen die weer nodig zijn om leningen af te sluiten.” Dat plan willen de partijen het liefst nog dit jaar, maar in ieder geval vóór het herijkingsmoment van het veenweideprogramma in 2022. Dan wordt gekeken naar wat er goed gaat en wat er beter kan.

Europees geld voor Veenweideprogramma

Voor de uitvoering van het Veenweideprogramma is 550 miljoen euro nodig. Dat kan de provincie niet alleen betalen. Daarom wil de PvdA dat er alles aan gedaan wordt om met het Veenweideprogramma bij Europa binnen te komen. Met FNP, GrienLinks, SP en CDA diende de PvdA een motie in om met hoge prioriteit geld binnen te halen voor het Veenweideprogramma en het herstellen van de funderingsschade. Daarvoor moet de provincie lobbyen bij de Europese Unie. De provincie moet ook aandringen bij het Rijk om het Veenweideprogramma mee te nemen in hun aanvraag voor geld uit het Europese herstelfonds. Deze motie werd ook aangenomen.

Wij hebben vertrouwen in dit programma

“Ik krijg de afgelopen tijd vaak de vraag gesteld: waarom kan de PvdA nou akkoord gaan met dit Veenweideprogramma, een compromis dat lang niet ver genoeg gaat”, vertelde Janssen tijdens het debat in Provinciale Staten. “Ik ben bezig in een biografie over Willem Drees en vond daarin mijn antwoord in diens toespraak bij de oprichting van de PvdA in 1946:

‘Wij zullen, hoop ik, een partij worden vol van realisme en idealisme. Een werkelijkheidszin die rekening houdt met het bereikbare, doch die beseft dat in de werkelijkheid ook het ideaal meedoet. Anderzijds een idealisme dat ver vooruitziet, maar daarom niet voorbij gaat aan wat vlak voor ons ligt.’

 “Wij hebben vertrouwen in dit programma. Nu of nooit, zou ik bijna willen zeggen. Dit Veenweideprogramma heeft instemming vanuit het overleg tussen de Natuur, Landbouw, Recreatie en drie overheden. Een megaprestatie, en daarom moeten we dit compromis koesteren en met dit mooie programma geld zien binnen te halen om aan de slag te gaan.”

Â